Gepubliceerd in FAB Magazine, 19 januari 2014 

In de wachtkamer zit Hollands welvaren: een vrouw van 51 jaar. Zij heeft geen klachten. Haar wens is een CT scan van de longen. Zij rookt al meer dan 30 jaar een pakje per dag en zij valt dus in de doelgroep voor longkanker. Zij hoorde het deze week op de radio én zij las het in de krant: een enorme daling van het aantal dodelijke longkankers bij vroegtijdige screening. Je kan er niet vroeg genoeg bij zijn.

 

Wat een dilemma. In Nederland is nog niet goed uitgezocht of CT screening bij rokers zinvol is. Er lijkt in Amerika een gering overlevingsvoordeel te zijn. “Maar er werd toch echt gezegd dat er 25% minder doden zouden vallen….”, zegt zij.

Dat klopt voor een deel; als in een groep van 1000 mensen normaal gesproken twee doden zouden vallen door een ziekte en door een bepaald onderzoek valt nog maar één dode, ja dan heb je dus een afname van 50%: van twee doden naar één dode. Maar je moet je natuurlijk wel realiseren, dat die afname op een groep van 1000 mensen is. Als twee op de miljoen mensen ziek worden en door screenen nog maar één op de miljoen, dan heb je ook een afname van 50%. Dat percentage zegt dus eigenlijk niet zo veel.

Maar met deze nuchterheid help ik haar natuurlijk niet. Daarbij wordt bij één op de vier CT scans een goedaardige afwijking gevonden, die veel onrust en onderzoek oplevert, zonder dat je er beter van wordt. Bovendien moet je bijna 600 zware rokers een CT scan aandoen om één vroegtijdige kanker te vinden. En dan heb ik het nog niet eens over de stralenbelasting van een jaarlijkse CT. Ik leg mijn patiënt uit dat, hoewel het bericht in alle media is verschenen, CT screening niet in het basispakket zit. Daar gaat nog wel een paar jaar overheen, áls het al doorgaat. Dat wil zeggen dat het niet vergoed wordt. “Maar waarom wilt u het zo graag? U heeft toch helemaal geen klachten?”, vraag ik. Ze vertelt dat haar moeder op haar 51ste overleed aan longkanker, dat zij niet meer kan slapen door het beeld van haar moeder aan het eind van haar leven. Dat zij er alles aan wil doen om dit niet mee te hoeven maken.

Alles?

Ik heb haar voorgesteld een CT scan te maken, ook al valt het buiten de richtlijn. Ik kan me voorstellen dat dit soort beelden je bijblijven. En ik wil voorkomen dat zij letterlijk ziek wordt van angst. En nee, ik heb er geen voorwaarden aan verbonden. Maar ik heb haar wél toestemming gevraagd om het over het roken te hebben. En dat mocht.

Over twee weken meer over het verloop van het gesprek over het roken bij Mevrouw Vrientjes.

Advertenties