Online Antoni van Leeuwenhoek naar aanleiding van AT 5 uitzending 

http://www.at5.nl/video/131076

 

Longarts Wanda de Kanter werkt sinds 2013 in het Antoni van Leeuwenhoek. Daarnaast zet ze zich in voor strengere regels voor de tabaksindustrie. ‘Ik wil in de eerste plaats een arts zijn bij wie men graag komt en naar verwijst. Naast mijn werk doe ik er alles aan om vermijdbare kanker te voorkomen.’

http://www.avl.nl/topmenu/over-avl/nieuws/wanda-de-kanter-‘behandel-je-patient-zoals-je-zelf-behandeld-wilt-worden’/

Wanda de Kanter is elf jaar als ze weet dat ze arts wil worden. ‘Het was een wilsbesluit. Mijn middelbare schoolpakket richtte ik erop in en dat ik werd ingeloot voor de studie Medicijnen vond ik geweldig.’ Aanvankelijk wil ze huisarts worden. ‘Ik kon niet kiezen en vond alles leuk.’ Tot ze interne coschappen loopt en ziet dat het ziekenhuis een omgeving is ‘waar je alles met iedereen kunt overleggen’. ‘Ik vroeg me af: wat lijkt in het ziekenhuis nou een beetje op het vak van huisarts? Daarin sprak juist het langdurige contact met patiënten en de enorme spreiding in leeftijd me aan.’ Het beroep van longarts is veelomvattend, stelt ze vast. Ze begint haar opleiding tot longarts in het VUmc, blijft daar een aantal jaren en werkt vervolgens twintig jaar in een maatschap in het Rode Kruis Ziekenhuis in Beverwijk. ‘Een hele mooie tijd. We werkten intensief samen met cardiologen, MDL-artsen en internisten. Ik heb er superveel geleerd.’

 

Overweldigende ontwikkelingen

Als ze in 2013 de overstap naar het Antoni van Leeuwenhoek maakt, is dat precies in de tijd dat er tweedelijns studies beginnen met immuuntherapie. ‘Ik zag mensen die uitbehandeld waren met immuuntherapie starten. Bij sommigen van hen is de uitgezaaide longkanker sterk afgenomen en voelen patiënten zich twee jaar na het begin van de behandeling heel goed. Die nieuwe ontwikkelingen in het kankeronderzoek vind ik overweldigend. Als je meer dan vijfentwintig jaar longarts bent geweest, zoals ik, en een grote groep patiënten altijd weinig behandelopties hebt kunnen bieden, is het sensationeel om te zien dat er nu levensverlengende behandelingen zijn.’

 

Stoppen met roken

Naast de 30 uur die ze werkt als longarts zet Wanda zich fanatiek in om te voorkomen dat kinderen beginnen met roken. Want, zo kan ze niet vaak genoeg herhalen: het is oneerlijk om mensen de schuld te geven van hun longkanker, terwijl die schuld bij de tabaksindustrie thuishoort. ‘Ik wil in de eerste plaats een arts zijn naar wie met ‘graag’ gaat en verwijst. Daarnaast wil ik er alles aan doen om vermijdbare, niet verwijtbare kanker te voorkomen.’ Ze is voorzitter van de Stichting Rookpreventie Jeugd, http://www.stichtingrookpreventiejeugd.nl

medeoprichter van de website TabakNee en ambassadeur van Sick of Smoking, http://sickofsmoking.nl

de naam waaronder een patiënt met longkanker een rechtszaak tegen de tabaksindustrie wil aanspannen. In het Antoni van Leeuwenhoek breidde ze de bestaande Stoppen met Roken Poli uit, zodat elke patiënt de kans krijgt om zo goed mogelijk begeleid te worden met stoppen met roken, als wezenlijk onderdeel van het behandelplan. Ook adviseerde ze in het rookvrij maken van het gebouw en terrein van het Antoni van Leeuwenhoek. ‘Het Antoni van Leeuwenhoek is een heel erg goed ziekenhuis en onderzoeksinstituut. Als vooraanstaand kankercentrum móet je iets doen met de wetenschap dat 30% van alle kankersterfte door roken wordt veroorzaakt.’

 

De beste behandeling

Als tijdens de start van haar nieuwe baan in 2013 een goede vriendin als patiënt in het Antoni van Leeuwenhoek belandt, maakt Wanda ook de zorg van de patiëntzijde intensief mee tot het einde; haar vriendin overlijdt. ‘Elke dag is er één, we gaan voor de beste behandeling. Die instelling hebben de mensen in het ziekenhuis, maar ook de patiënten en dat is heel mooi om mee te maken. Iedereen is gepassioneerd en zindert van ambitie. Voor mij als arts geldt dat ik een patiënt wil behandelen zoals ik zelf behandeld zou willen worden. Met aandacht voor wie ik ben en wat ik wil en aandacht voor de hele mens in het ziekteproces. ’ Tegelijk ziet ze de uitdagingen van de groei van het ziekenhuis. ‘Het aantal patiënten is de afgelopen jaren enorm toegenomen, en groeit nog steeds. Daardoor verandert er continu veel. Ondertussen heb je in de oncologische zorg te maken met het feit dat er nooit iets kan wachten, bij longkanker al helemaal niet, omdat de ziekte zo vaak zo snel progressief is. Het liefste zou ik willen dat patiënten zoveel mogelijk onderzoeken en afspraken op één dag zouden kunnen krijgen, zeker als ze van ver komen. Dat lukt niet altijd, waardoor het managen van verwachtingen ook een belangrijk onderdeel van het werk is. Er gaat tijd overheen voor we een volledige uitslag met behandelplan hebben. We gaan niet over één nacht ijs. Er moet uitgebreid DNA-onderzoek worden gedaan om te zien wat voor elke patiënt de beste en optimale behandeling is.’

Advertenties