http://www.standaard.be/cnt/dmf20171117_03191879

 

‘Bent u de journaliste?’ De man aan de balie van het vermaarde Amsterdamse kankerziekenhuis Antoni van Leeuwenhoek stelt de vraag nog voor ik mijn mond heb opengedaan. Hij glimlacht. ‘De media-aandacht zijn we hier ondertussen gewoon.’

Als ze niet in haar witte doktersjas door de gangen van dit instituut fladdert, schuift Wanda de Kanter (58) aan in talkshows, duikt ze op in krantenkolommen, houdt ze lezingen en overlegt ze met haar advocaat over wat misschien wel de zaak van het decennium kan worden. De Nederlandse longarts voert een kruistocht tegen de tabaksindustrie, die volgens haar met zijn krachtige lobby ‘tot in de haarvaten van de Nederlandse politiek en samenleving zit’.

Ondertussen heb ik haar gespot op het balkon op de eerste verdieping van de luchtige inkomhal. Er valt niet naast de flamboyante dokter heen te kijken. Fel, doortastend, welbespraakt: in Nederland is ze een begrip geworden. Dat was al zo toen ze in 2013 TabakNee hielp oprichten, een website waarop onderzoeksjournalisten onthullingen doen over de tabaksindustrie en hun ‘handlangers’. Het ging helemaal crescendo sinds ze vorig jaar een poging ondernam om de vier grootste tabaksfabrikanten voor de strafrechter te krijgen.

 

De reden voor dat activisme hoef je niet ver te zoeken, vertelt ze, terwijl ze me door het labyrint van het ziekenhuis naar een vergaderzaaltje loodst: ‘Tabak draagt bij tot 16 soorten kanker, is verantwoordelijk voor 30 procent van alle kankerdoden en 30 procent van alle hart- en vaatziektes. Het is een enorme killer. Ruim 6 miljoen doden per jaar. 20.000 in Nederland alleen al. En toch reageren we achteloos.’

De Kanter is gelanceerd. Anderhalf uur lang zal ze amper naar adem happen. De pralines die tussen ons op tafel staan, blijven onaangeroerd. ‘We zwijgen over dat lijden. Het opaatje van 85 die al zijn hele leven rookt, voeren we graag op. Maar van wie op zijn 45ste stierf aan longkanker, hoor je niets meer. Die zijn weg. Het was hun eigen schuld, toch?’

Van dat stigma en die schaamte moeten rokers af, zegt ze. ‘Bij borstkanker krijgen mensen een arm om de schouder. Bij longkanker zegt iedereen: ‘Wat had je dan gedacht?’. Maar dat klopt niet. Jij bent als roker niet verantwoordelijk, de tabaksindustrie die jou op jonge leeftijd verslaafd heeft gemaakt is dat wel.’

‘Honderden toegevoegde stofjes als suiker, ammoniak of hoestdempers maken sigaretten extra verslavend. De ammoniak zorgt er bijvoorbeeld voor dat de nicotine sneller in het beloningscentrum van je hersenen komt. Omdat de kick die de onlustgevoelens wegneemt zo snel komt, ga je roken koppelen aan wat je op dat moment doet. Naast de farmacologische verslaving aan de nicotine, is er ook het pavlov-effect: bij een kopje koffie hoort een sigaret. Hond uitlaten? Sigaretje erbij. Feestje? Sigaret. Stressmoment: saffie. Dat maakt het moeilijk ermee op te houden. Ook voor gelegenheidsrokers: wie enkel rookt op feestjes is verslaafd aan dat moment. En we weten nu dat ook ‘weekendrokers’ gemiddeld vijf jaar minder lang leven.’

Uitvoerig ontleedt ze het narratief waarop de tabaksindustrie teert en wat rokers én niet-rokers zichzelf wijsmaken: rokers zijn niét vrij. Het is de essentie van haar verhaal. Een roker, zegt ze, ‘is een ‘kwijlende pavlovhond’ die zich als een kleuter gedraagt om zijn kick te krijgen. Je ervaart voortdurend ontwenningsverschijnselen. Het enige wat helpt, is een volgende shot nicotine. De tabaksindustrie heeft onze vrije wil gekaapt. Probeer te stoppen, en je zult zien hoe vrij je bent.’

 

Ze weet hoe dat zelfbedrog werkt. Zelf rookte ze van haar 12de tot haar 48ste. ‘Twaalf is jong, ja. Ik zat op kostschool, mijn ouders woonden in Borneo. Enkele oudere jongens op school hielpen me aan de sigaret. Ik had geen geld, dus ging ik van deur tot deur om geld op te halen voor de hockeyclub waar ik niet in zat. Dat is wat roken met je doet. Ook toen ik al jaren longarts was en al die patiënten zag doodgaan aan longkanker, ging ik door. Nadat ik kinderen kreeg rookte ik enkel nog ‘s avonds, stiekem. Tot mijn dochter me betrapte. Razend was ze. ‘Hoe kun je, mama, als arts? Straks ga je dood!’ Dan pas ben ik me echt gaan verdiepen in hoe het verslavingsmechanisme werkt. Het is moeilijk geweest hoor. Nog steeds, wanneer ik vrienden van vroeger zie, welt de verleiding op.’

Een kwart van de Nederlanders rookt, net als bij ons. Omdat 80 procent begint voor zijn 18de, focust De Kanter zich met de Stichting Rookpreventie Jeugd, waarvan ze de voorzitter is, vooral op jongeren. ’37 procent van onze twintigers rookt. Hallucinant veel is dat. De marketing van de industrie is expliciet op kinderen en jongeren gericht. De ‘replacement smokers’, noemen ze hen in interne documenten. Ze moeten de dode rokers vervangen. Zo perfide is het businessmodel. Twee van de drie rokers gaat dood door te roken, een kwart haalt zijn of haar pensioen niet. Dus moeten steeds nieuwe jongeren in de val worden gelokt.’

Philip Morris lanceerde in 2011 de gecontesteerde ‘Don’t Be a Maybe, Be Marlboro’-campagne in meer dan 50 landen, waaronder Duitsland, Zwitserland en Groot-Brittannië. Volgens anti-tabaksorganisaties mikte ze onverholen op het zelfbewustzijn van jongeren. In Duitsland werd de campagne om die reden verboden. ‘Maar in landen waar de regelgeving minder strikt is, gaat dat soort campagnes gewoon door’, stelt De Kanter. ‘In ontwikkelingslanden delen ze zelfs gratis sigaretten uit aan jongeren.’

Hier zijn we strenger, maar toch doen we amper moeite om kinderen uit de buurt van sigaretten te houden, zegt ze verbolgen. ‘Op elke straathoek zijn ze te krijgen. Een hele muur in krantenwinkels en in supermarkten. Drastische maatregelen die jongeren ontmoedigen, zoals een forse prijsverhoging of blanco pakjes die enkel te krijgen zijn in beperkte verkooppunten, worden niet genomen.’

 

Dat laatste, zegt Wanda de Kanter, is alleen te verklaren door de forse grip van de tabaksindustrie op de politiek. ‘De tabakslobby zit diep in de haarvaten van onze samenleving.’ Een boude stelling die in Nederland wordt gevoed door de onderzoekswebsite TabaksNee, die ze met de Stichting Rookpreventie Jeugd mee oprichtte. Journalisten, betaald door de kankerliga KWF Kankerbestrijding, spitten er de banden uit tussen politici, professoren en de tabaksindustrie.

‘Op een bepaald moment lag een forse accijnsverhoging voor tabak op tafel’, geeft ze als voorbeeld. ‘Dan zit plots de premier in een nieuwsuitzending met voor zich een rapport van consultant KPMG, waarin staat dat bij een prijsverhoging meer gesmokkeld zal worden. Dat klopt niet, kinderen smokkelen niet. Wat bleek: die studie kwam er in opdracht van Philip Morris. Of je ziet hoe de liberale Edith Schippers minister van Volksgezondheid wordt, en vrijwel meteen het rookverbod in de horeca terugdraait. Ook zij hield er nauwe banden met de tabaksindustrie op na. We konden de hand leggen op vertrouwelijke mails. Schippers aan de tabaksjongens: ‘Jullie gaan straks betogen tegen het rookverbod. Veel succes! Red de kleine horeca!’

Die zogenaamde ‘handlangers’ van de industrie worden door TabaksNee genadeloos aan de schandpaal genageld. Vaak worden ze getackeld in hun privéleven. Moet dat zo, met de voeten vooruit? De Kanters lippen vertrekken tot een dunne streep. ‘Kijk, met softe acties komen we er niet. Die lui hebben geen scrupules. Neem Elco Brinkman (CDA). Nadat hij minister van Volksgezondheid af was, werd hij bestuurder bij Philip Morris. Laat ons niet naïef zijn. Ze vragen hem natuurlijk alleen maar om zijn netwerk in Den Haag. Nu moet u weten dat die man zelf kanker had. Hij schreef er een boek over. Hoe haal je het dan in je hoofd om je netwerk ten dienste te stellen van een product dat jaarlijks 20.000 van je landgenoten doodmaakt? Ik vind dat wij dat best mogen benadrukken.’

Drie ex-ministers werden bestuurder bij de tabaksindustrie. Er is geen groot Nederlands advocatenkantoor dat géén zaken met hen doet, beweert De Kanter. ABP, het grootste pensioenfonds waar alle ambtenaren, leerkrachten en zorgverstrekkers van publieke instellingen bij aangesloten zijn, investeert miljarden in de tabaksindustrie. ‘Ik had een lang gesprek met hun directeur Corien Wortmann. Met de armen gekruist zaten we tegenover elkaar. ‘Straks ga je nog over frisdrank beginnen’, zei ze. ‘Wat mogen we eigenlijk nog?’ Sorry, maar over frisdrank zeg ik niets. Over alcohol ook niet. Cola of wijn doden geen twee op de drie gebruikers.’

‘Opmerkelijk trouwens’, gooit ze er nog achteraan: ‘die dame is ook bestuurder bij Save The Children. Terwijl we ondertussen weten dat geen enkele sigaret gemaakt wordt zónder kinderarbeid. Hoe kun je dat allemaal rijmen?’

 

Wat ze wil, is die bestuurders een ongemakkelijk gevoel geven. De tabaksindustrie moet even ‘fout’ worden als fabrikanten van clusterbommen. Maar omdat naming and shaming alleen niet genoeg zoden aan de dijk zet, schakelde ze een versnelling hoger. Niet de ‘handlangers’, maar de industrie zelf moet eraan geloven. In naam van twee longkankerpatiënten stapte ze naar de vermaarde strafpleiter Bénédicte Ficq met de vraag of het mogelijk was een strafzaak op te zetten tegen de vier grootste tabaksfabrikanten. Een wereldprimeur.

Ficq is een klinkende naam onder de Nederlandse strafpleiters. Haar kantoor verdedigt vooral moordenaars en andere zware jongens – het heeft iets van een versterkte burcht. ‘Best eng’, gniffelt de longarts. Maar nu gooit Ficq zich dus voor de goede zaak. ‘Ik klopte vijf jaar geleden al eens bij haar aan’, zegt De Kanter. ‘Ze rookte toen zelf nog, net als de helft van haar medewerkers. Ze zag het niet zitten. Ondertussen is ze zelf gestopt, en is haar zoon van 18 beginnen roken. Misschien gaf dat de doorslag. Ook voor Anne Marie van Veen, de longkankerpatiënte die als eerste een aangifte deed, draait het hierom: ze wil niet dat haar vier kinderen, als ze er zelf niet meer is, haar gaan vervangen als nieuwe rokers.

Dagelijks bellen of appen de dames elkaar over de zaak. De aanklacht luidt: opzettelijke benadeling van de gezondheid, poging tot moord en valsheid in geschrifte. De argumenten zijn waterdicht, vindt De Kanter. ‘Wat de fabrikanten doen, is het willens en wetens veroorzaken van een breinziekte, namelijk verslaving. Vervolgens gaat het gros van hun klanten dood door hun schuld. Dat weten ze al sinds de jaren 1950, en toch gaan ze door. En op de koop toe bedriegen ze de boel met de sjoemelsigaret.’

Dat laatste argument is nieuw, en het vormt de crux van de aanklacht. Fabrikanten maken minuscule gaatjes in de filters van sigaretten, wat in testmachines tot lagere concentraties teer en nicotine leidt. ‘Maar met je vingers en je lippen knijp je die gaatjes deels dicht, waardoor je vijf keer meer teer binnen krijgt dan toegelaten’, zegt De Kanter. ‘Eigenlijk zijn alle gewone filtersigaretten illegaal. Er is nu ook wetenschappelijk bewijs dat die sjoemelsigaretten meer longkanker veroorzaken. De verbrandingstemperatuur is lager, waardoor je meer schadelijke stoffen binnenkrijgt. Mensen gaan compenseren voor het lagere nicotinegehalte door meer te roken. En omdat het een zachter gevoel geeft, inhaleer je dieper. Daardoor zitten tumoren dieper in de longen, en zijn ze hardnekkiger. Dat merkten wij als artsen al langer. Alleen hadden we er geen idee van dat het door de gaatjes in de filters kwam.’

Het Openbaar Ministerie beslist de komende weken of maanden of het de tabaksindustrie effectief gaat vervolgen. Ondertussen groeit de aanhang. Organisaties als KWF Kankerbestrijding werden mede-eisers en namen de advocatenkosten op zich. De 19 Nederlandse kankerpatiëntenverenigingen deden aangifte. Via de website Sick of Smoking kunnen particulieren zich achter de zaak scharen. ‘We zijn nu een beweging van honderdduizenden menen. Die zet je niet zomaar opzij. Volgens mij zitten we op een kantelpunt.’

 

De zaak wordt in binnen- en buitenland met argusogen gevolgd – ‘The Dutch case’ wekt belangstelling van advocaten overal ter wereld die afzakken naar internationale conferenties waar De Kanter en Ficq hun zaak voorstellen. ‘Een tijd geleden waren we in Genève. In de zaal zat Amos Hausner, advocaat en zoon van de Israëlische procureur-generaal Gideon Hausner die na de Tweede Wereldoorlog Holocaust-regisseur Adolf Eichmann vervolgde. Plots stond hij op en zei: “De Holocaust, dat was één keer 6 miljoen doden. Tabak maakt 6 miljoen doden per jaar. We eisen miljarden aan schadevergoedingen in burgerlijke claims, maar laten de productie van sigaretten gewoon doorgaan. Waar slaat dat op? Criminele aansprakelijkheid is de enige optie.”’

Ook andere landen tonen interesse. Activisten in negen landen zouden gelijkaardige cases voorbereiden. Ze wachten af wat het openbaar ministerie gaat doen in Nederland. Ook bij ons. De Kanter en Ficq hadden vrijdag een meeting met Kom op Tegen Kanker in Vlaanderen. Die bekijken wat de kansen en risico’s zijn en willen weten welke stappen de Nederlanders hebben gezet om tot een aangifte te komen.

Maar ook de industrie komt in het verweer. Door alvast een bataljon advocaten op de potentiële strafzaak te zetten, insinueert De Kanter. Maar even goed door te kiezen voor de vlucht vooruit, met de lancering van rookvrije alternatieven als de e-sigaret. Philip Morris maakte onlangs bekend dat het 1 miljard dollar investeert in een ‘fonds voor een rookvrije wereld’ dat dit soort alternatieven zal onderzoeken.

De Kanter gnuift. ‘De laatste die moet bedenken hoe we naar een rookvrije wereld gaan, is de tabaksindustrie. Dit is gewoon een manier om hun marktaandeel te behouden. Mochten er geen gewone sigaretten meer zijn en die e-sigaretten enkel dienen als tussenstap om te stoppen: prima. Maar het komt er gewoon bij. Mensen gaan buiten sigaretten roken, en zitten binnen te lurken aan die damptoestelletjes. Daardoor zitten rokers en niet-rokers weer gezellig bij elkaar. Daar draait het om. Ik heb ook vriendinnen die het doen. In plaats van minder, gaan ze meer roken. Roken wordt weer zichtbaarder en je houdt de verslaving in stand.

Briljant wel, geeft De Kanter toe, hoe ze dat begrip ‘rookvrij’ gekaapt hebben. ‘Maar vergis je niet, ook e-sigaretten zijn schadelijk. ‘Er zit nicotine in, wat effecten heeft op het hart en de bloeddruk. Over twintig jaar zal blijken welke gevolgen dat dampen nog heeft.’ Sinds kort is er nu ook de IQOS (I Quit Ordinary Smoking), een elektronische sigaret waarbij tabak niet langer verbrand wordt, maar verhit. ‘Dat blijft kankerverwekkend. Als iedereen aan de HeatStick gaat, hebben we geen 6 maar misschien 3 miljoen tabaksdoden per jaar. Zijn we dan tevreden?’

 

Ze kijkt naar de klok en zucht. Zo meteen begint haar spreekuur weer. ‘Elke 15 minuten een nieuwe patiënt. Vaak zijn het slechtnieuwsgesprekken. Ze kregen peperdure, soms experimentele immuuntherapieën, maar 80 procent hervalt. Dan moet ik uitleggen dat er nog weinig opties zijn. Het is dweilen met de kraan open. Dat maakt me machteloos en opstandig tegelijk.’

Door het raam van de vergaderzaal zien we hoe collega’s in witte jassen af en aan lopen. ‘Een groot deel van ons is bezig met iets wat helemaal niet zou moeten’, zegt ze plots. ‘Vindt u het niet cynisch? De ziekenhuizen, de verzekeraars, Big Pharma… De gezondheidsindustrie leeft hier voor een deel van. Er is geen enkele financiële drive om mensen gezond te houden. Terwijl het als arts ook tot onze opdracht behoort om grote determinanten van ziektes aan te pakken. Hier is het zonneklaar: als we tabak verbieden, kunnen we een hoop lijden vermijden. Mensen hoeven niet te sterven op hun 45ste door een verslaving waar ze als kind werden ingelokt. Wat een waanzin. Dit moet ophouden.’

Advertenties